Praktijk

Zelfstandig route rijden

Een kandidaat rijdt een deel van de examenrit zonder aanwijzingen van de examinator. Het 'zelfstandig route rijden' kan op drie manieren worden uitgevoerd:

  • Naar een oriëntatiepunt rijden dat niet vooraf vastligt, maar dat de kandidaat wel kent, óf kan zien.
  • Meerdere routeopdrachten tegelijk (clusteropdracht), gecombineerd met de blauwe ANWB-borden
  • Met behulp van een navigatiesysteem.

De examinator bepaalt op welke van de drie bovengenoemde manieren de kandidaat het 'zelfstandig rijden' moet uitvoeren. Als er geen navigatiesysteem in de lesauto aanwezig is, dan beperkt de keus zich tot de eerste twee varianten. Het zelfstandig rijden zal minimaal tien tot maximaal vijftien minuten van het examen in beslag nemen. De totale examentijd blijft hetzelfde. Het bereiken van het juiste eindpunt is overigens geen doel op zich. Het gaat erom dat je veilig rijdt en verantwoorde keuzes maakt.

Variabele oriëntatiepunten

Een oriëntatiepunt staat niet vast. Het is een locatie die de kandidaat goed kent, zoals een school, een sportclub, of winkelcentrum. Als je onbekend bent in het examengebied, dan kan de examinator jou vragen om naar een goed zichtbaar punt in die plaats rijden, zoals een kerktoren of een flatgebouw. Het examen kan beginnen met het rijden naar een oriëntatiepunt, maar kan er ook mee worden afgesloten. Je krijgt dan de opdracht om vanaf een oriëntatiepunt terug naar de examenplaats te rijden.

Clusteropdracht

De clusteropdracht betreft een gedeelte van de route. Deze opdracht is altijd beperkt in lengte en zal één of meerdere keren herhaald worden om te checken of je het begrepen hebt. Het is een nabootsing van de situatie waarin de bestuurder de weg vraagt aan een voorbijganger en vervolgens krijgt uitgelegd hoe hij naar de gevraagde locatie moet komen. De reeks van routeopdrachten zal bestaan uit minimaal drie en maximaal vijf opdrachten. Per 1 maart 2009 kan de clusteropdracht worden aangevuld met de opdracht om de blauwe ANWB-borden naar een bepaalde bestemming te volgen.

Navigatiesysteem

Het rijden met een navigatiesysteem wordt alleen gevraagd als bekend is dat de rijschool hierover beschikt. Gelukkig is dat steeds vaker het geval; rijden met navigatieapparatuur heeft tenslotte de toekomst. Het is wel zo veilig als je er dan al tijdens je rijlessen mee hebt leren 'werken'.

Het rijden met een navigatiesysteem kan in principe op ieder moment in het examen worden toegepast. Het blijkt ook voor anderstalige kandidaten een oplossing te zijn, omdat navigatie meestal in verschillende talen is in te stellen.

Bijzondere manoeuvres

Er is met opzet voor de term bijzondere manoeuvres gekozen om het verschil aan te geven met de vroegere bijzondere verrichtingen. Het vernieuwde rijexamen kent drie bijzondere manoeuvres: een omkeeropdracht, een parkeeropdracht en een stopopdracht. Tijdens het rijexamen zul je in de meeste gevallen twee bijzondere manoeuvres uitvoeren.

Omkeeropdracht

Bij de omkeeropdracht krijg je al rijdende te horen dat je de weg in tegenovergestelde richting moet gaan volgen. Jij kiest zelf waar en hoe je keert. Je kunt dit doen via een halve draai, steken of een bocht achteruit. Je moet hierbij laten zien dat je op basis van een goede inschatting van de verkeerssituatie tot een adequate oplossing komt.

Parkeeropdracht

De examinator kan ook kiezen voor een parkeeropdracht in een straat of op een parkeerterrein. Hierbij krijg je de opdracht om de auto zo dicht mogelijk bij een opgegeven locatie te parkeren. Dit kan bijvoorbeeld de ingang van een winkelcentrum zijn. Ook hier bepaal je zelf hoe je de parkeeropdracht uitvoert.

Stopopdracht

Verder is een stopopdracht mogelijk. Daarbij moet je zo kort mogelijk achter een ander voertuig stoppen, om aansluitend vooruitrijdend weer aan het verkeer deel te nemen. Dit kan zowel aan de linker- als rechterzijde van de rijbaan. Hierbij is het van belang dat je een juiste inschatting hebt van de lengte van de neus van de auto.

Van deze drie kiest de examinator er twee. Daarnaast kan de examinator steekproefsgewijs de hellingproef laten uitvoeren. In één van de bijzondere manoeuvres moet in ieder geval een keer een stukje achteruit rijden voorkomen.

Bij de uitvoering van de bijzondere manoeuvres is niet alleen het technische aspect belangrijk. Er wordt vooral ook gelet op de keuzes die daaraan vooraf gaan, zoals de plaats, het moment en de wijze waarop je de opdracht uitvoert.

Gevaarherkenning door situatie bevraging

Bij dit nieuwe onderdeel wordt je na uitvoering van een verkeerssituatie gevraagd waarom jij dat op die manier hebt gedaan. Wat of hoe heb je de situatie opgelost en welke afwegingen heb je hierbij gemaakt? Er wordt altijd even gestopt bij dit onderdeel. Het bespreken van een verkeerssituatie heeft overigens helemaal niets te maken met het wel of niet goed uitvoeren van de verkeerstaak.

Leerlingen aan het woord!

  • Echt de beste rijschool van Utrecht!

    Eva
    Geslaagd
  • Bedankt Rijschool Overvecht voor alles!

    Talha
    Geslaagd op 08-06-2017
  • Relaxte en stressbestendige rijinstructeur 😉

    Serpil
    Geslaagd